De 123ste editie van Parijs-Roubaix groeide vandaag uit tot een ware uitputtingsslag, waarin Wout van Aert uiteindelijk de sterkste bleek. Hij haalde het na een beklijvende sprint op de wielerbaan van Roubaix van wereldkampioen Tadej Pogačar en pakte zo zijn tweede Monument. Maar ook Lommelaar Jordi Meeus liet zich opmerken in de Hel van het Noorden.
De koers lag al vroeg in een beslissende plooi door een aaneenschakeling van lekke banden en incidenten. Onder andere Mathieu van der Poel verloor kostbare tijd, terwijl voorin een sterke groep ontstond met onder meer Van Aert, Pogačar en Jasper Stuyven. Meeus wist zich knap in die kopgroep te mengen en reed lange tijd in de voorste gelederen mee.
Voor de renner uit Lommel werd het echter een wedstrijd vol tegenslag. Na de passage door het Bos van Wallers kampte hij met materiaalproblemen en moest hij al vroeg een eerste inspanning leveren om terug te keren. Hij slaagde daarin, maar betaalde daar later de prijs voor. Een tweede terugkeer naar de kopgroep – onder meer in het gezelschap van Van Aert – vergde zoveel krachten dat krampen onvermijdelijk werden.
Toen de beslissende versnelling viel richting Mons-en-Pévèle, moest Meeus definitief passen. Extra pech volgde met nog een lekke band, waardoor een absolute topklassering uitbleef. Uiteindelijk finishte hij als zeventiende op de wielerbaan van Roubaix.
Ondanks dat resultaat mag Meeus terugblikken op een sterke prestatie. Hij toonde dat hij zich ook in het zwaarste kasseiwerk kan meten met de besten en bevestigde zijn groei als klassiek renner. Terwijl Van Aert en Pogačar streden voor de zege, bewees de Lommelaar dat zijn toekomst in dit type wedstrijden veelbelovend is.
(Bron Het Nieuwsblad - foto Pixabay elslucker)
Reactie plaatsen
Reacties