In een uitverkochte zaal van CC De Adelberg bracht stand-upcomedian Michael Van Peel vanavond met Farce Majeure geen vrijblijvende avond comedy, maar een twee uur durende, vlijmscherpe donderpreek. Eén waarin gelachen wordt – veel gelachen – maar even vaak ook ongemakkelijk geknikt. (Foto's Lieve De Bleser)
Van Peel vertrekt dit keer niet vanuit de politiek, maar vanuit iets persoonlijkers: het vaderschap. Op zijn 45ste werd hij vader, na twintig jaar “kindervrij” leven – een nuance die hij zelf met zichtbaar plezier maakt. Het levert herkenbare en tegelijk absurde scènes op: communiceren met een peuter terwijl die haar pamper vol blaast, of plots beseffen dat je je dochter ooit zal moeten waarschuwen voor gevaren die je als man zelf nooit hebt ervaren.
Maar waar anderen in dat thema blijven hangen, gebruikt Van Peel het als springplank. Hij brengt geen platgetreden papa-humor, maar een ode aan de vrouw, niet alleen de jonge en vruchtbare, maar vooral ook de senior-ita’s, die kennis en wijsheid overdragen. Maar ook de vrouw als “3D-printer van mensen”, een wonderlijke machine. “Vroeger was ik al fan van de carrosserie,” klinkt het, “maar die binnenkant… dat is toch ongelooflijk.”
Van daaruit trekt hij de lijn moeiteloos open naar de wereld. Of beter: naar de chaos waarin we ons bevinden. Want Farce Majeure gaat over macht en vooral overmacht. Over het gevoel dat alles ons ontglipt. Technologie, economie, sociale media – ze razen voorbij aan een tempo dat niemand nog lijkt te beheersen. En precies daar zit Van Peels kracht: hij benoemt wat velen voelen, maar moeilijk onder woorden krijgen.
Hij fileert de mythe van vooruitgang met zichtbaar plezier. E-mail die ons tijd zou besparen? Bestelzuilen die alles efficiënter maken? Een treinticket kopen aan een automaat om vervolgens te ontdekken dat je trein al vertrokken is? "Hoe snel ging het vroeger aan het loket?" Het zijn herkenbare frustraties die hij opstapelt tot een hilarische, maar rake aanklacht.
Ook artificiële intelligentie moet eraan geloven. Praten tegen een machine – hoe normaal is dat geworden? “Vroeger, als vader tegen de ijskast stond te praten, belden we de ambulance,” klinkt het. “En nu?” Het publiek lacht, maar voelt tegelijk de onderliggende vraag: wanneer is dit gekanteld?
Die spanning tussen humor en ernst loopt als een rode draad door de voorstelling. Van Peel schakelt moeiteloos van een pampergrap naar Adam Smith en diens “onzichtbare hand”, en legt bloot hoe een economisch systeem gebaseerd op angst, woede en winst onze samenleving mee vormgeeft. Het klinkt zwaar, maar wordt licht verteerbaar gebracht – al blijft het nazinderen.
Tegelijk is er nostalgie. Voor Generation X, die zonder internet en zonder helm opgroeide, met een huissleutel rond de nek en ouders die niet thuis waren. Kinderen die op straat speelden, tussen de vrachtwagens fietsten en onderweg een platgereden kikker onderzochten. Vrijheid, of gewoon gebrek aan toezicht? Ook daar laat Van Peel het antwoord in het midden.
Wat hij wél duidelijk maakt: niemand weet echt waar hij mee bezig is. Niet wij, niet politici, niet techmiljardairs. “We zijn allemaal prutsers,” is misschien wel de centrale gedachte van de avond. Een troostende én confronterende conclusie.
Zelfs in kleine dingen zit die absurditeit. Mensen die hun mails afsluiten met “met vriendelijke groeten”, of gewoon “MVG”. Het lijkt banaal, maar in Van Peels handen wordt het een symbool van een wereld die zichzelf alsmaar serieuzer neemt, terwijl ze eigenlijk één grote farce is.
En toch is er hoop. Want tussen het lachen door sluimert een oproep: om kritisch te blijven, om de schijn niet zomaar te geloven, om te beseffen dat verandering mogelijk is. Dat wij – hoe onhandig ook – mee aan het stuur zitten.
Farce Majeure is geen lichte comedyavond. Het is een scherpe, geëngageerde voorstelling die schuurt en prikkelt. Maar vooral: een die bewijst dat lachen soms de beste manier is om de chaos te begrijpen. Of er op zijn minst even mee te leren leven.
Reactie plaatsen
Reacties