Het opvangcentrum voor asielzoekers op het Parelstrand in Lommel blijft minstens tot 2030 open. Het federale agentschap Fedasil heeft het huurcontract met de uitbater verlengd, waardoor het vakantiepark ook de komende vijf jaar plaats zal bieden aan maximaal 750 bewoners. Vanaf 2029 kan, als de druk op het opvangnetwerk afneemt, een afbouw van die capaciteit worden bekeken. (Foto Google Maps)
De verlenging roept opnieuw uiteenlopende reacties op. Het Parelstrand wordt al vele jaren gebruikt voor de opvang van asielzoekers en ligt gevoelig in Lommel. In die periode werden er meer dan honderd incidenten geregistreerd en moest de politie tientallen keren tussenkomen. Om de veiligheid te verhogen en overlast te beperken, zijn in het nieuwe contract bijkomende maatregelen opgenomen, zoals extra verlichting en het afsluiten van bepaalde gebouwen voor buitenstaanders.
Politiek blijft het dossier bijzonder beladen. Kamerlid Francesca Van Belleghem (Vlaams Belang), die eind december nog aan het Parelstrand aanwezig was tijdens een manifestatie voor de sluiting van het centrum, reageert scherp op de beslissing. Volgens haar is de verlenging het zoveelste bewijs van een falend asielbeleid. Ze hekelt vooral het blijvend gebruik van een vakantiepark als opvanglocatie en de miljoenen euro’s belastinggeld die daar volgens haar mee gemoeid zijn. Ook de impact op de lokale veiligheid en leefbaarheid weegt voor haar zwaar door. “Dit is geen tijdelijke oplossing meer, maar een structureel probleem dat wordt vooruitgeschoven,” klinkt het.
Aan de andere kant van het politieke spectrum pleit oppositieraadslid Katrien De Ruysscher (Vooruit) voor meer nuance. De Ruysscher woont zelf in Lommel en volgde het dossier jarenlang van dichtbij. Ze was bovendien vrijwilliger op het Parelstrand toen er voor het eerst asielzoekers werden opgevangen. “Het debat vertrekt te vaak vanuit angst,” zegt ze in een interview op Radio 2. “We mogen het menselijke aspect niet uit het oog verliezen. Mensen die vluchten voor oorlog of onveiligheid hebben recht op een waardige en veilige opvang, en die is er in Lommel wel degelijk.”
De Ruysscher wijst erop dat het centrum in de praktijk een kleine gemeenschap vormt, met bewoners uit tientallen landen. “Veel mensen beseffen niet dat heel wat bewoners hier ook werken en bijdragen aan de lokale economie,” vertelt ze. Ze geeft voorbeelden van voormalige bewoners die intussen een vaste job hebben, Nederlands spreken en hier een gezin hebben opgebouwd. Ook vrijwilligersinitiatieven, zoals taallessen en een kleine bibliotheek met boeken in verschillende talen, droegen volgens haar bij aan meer autonomie en verbinding.
Tegelijk is ze niet blind voor de bezorgdheden van buurtbewoners. De locatie langs een drukke invalsweg noemt ze problematisch, zowel voor de veiligheid van de bewoners als voor de omgeving. “We vragen al langer dat het stadsbestuur extra inspanningen levert om de situatie voor iedereen veilig te houden.” Ze benadrukt ook dat overlast of geweld nooit mag worden gebanaliseerd. “Als er grenzen overschreden worden, moet er worden opgetreden. Maar we mogen niet alles en iedereen over dezelfde kam scheren.”
Wat De Ruysscher vooral stoort, is de manier waarop de verlenging bekend raakte. “We hebben hier in de gemeenteraad meermaals naar gevraagd, zelfs nog recent. Dat we het nu via de media vernemen, is niet correct.”
Met de verlenging tot 2030 lijkt het duidelijk dat Lommel en het Parelstrand nog enkele jaren met elkaar verbonden blijven in het asieldossier. De uitdaging blijft om een evenwicht te vinden tussen veiligheid en draagvlak, tussen terechte zorgen en het menselijke verhaal achter de cijfers. Want, zoals De Ruysscher het verwoordt: “Dit is geen zwart-witverhaal. Het is complex, en we zullen ermee moeten samenleven.”
Reactie plaatsen
Reacties