Met persoonlijke herinneringen, aangrijpende verhalen en voorbeelden uit zijn jarenlange ervaring als priester gaf pater Wim van Meijgaarden woensdag 21 oktober een lezing over barmhartigheid in het klooster van de Paters van Kattenbos. Onder de titel 'Liefde werkt in Barmhartigheid' ging hij dieper in op de zeven werken van barmhartigheid en hun betekenis in het dagelijks leven. Daarbij benadrukte hij dat geloof pas werkelijk betekenis krijgt wanneer het wordt omgezet in concrete daden.
Een belangrijk deel van zijn verhaal ging over zijn vader, die tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetter werd opgepakt. Als groothandelaar in groenten en fruit had hij geweigerd zijn voorraden aan de Duitsers af te staan, omdat die bestemd waren voor zijn klanten. Hij belandde in de gevangenis van Scheveningen en werd meermaals naar de Waalsdorpervlakte gebracht, waar andere gevangenen werden geëxecuteerd. Dankzij tussenkomst van een Duitse familie kwam hij uiteindelijk vrij.
Na de oorlog nam zijn vader een opmerkelijke beslissing. In plaats van eerst naar Lourdes te reizen, zoals zijn moeder had beloofd, trok hij met zijn gezin naar Duitsland. Hij wilde niet blijven leven met haat tegenover de mensen die hem zoveel leed hadden aangedaan. "Als je niet kunt vergeven, kun je ook niet verder leven", vertelde pater Wim. Die overtuiging gaf hij ook aan zijn kinderen mee.
Ook thuis kreeg barmhartigheid een concrete invulling. Zijn ouders vingen regelmatig kinderen op die via de reclassering in een gastgezin werden geplaatst. Terwijl de eigen kinderen slaapkamers moesten delen, kregen de nieuwkomers ieder een eigen kamer. Sommigen bleven maar een tijdje, anderen keerden later nog terug en enkelen trouwden zelfs vanuit zijn ouderlijk huis. "Wat geloven is, heb ik thuis geleerd", vertelde hij.
Vanuit die ervaringen besprak pater Wim de zeven werken van barmhartigheid: hongerigen voeden, dorstigen te drinken geven, naakten kleden, vreemdelingen onderdak bieden, zieken bezoeken, gevangenen bezoeken en doden begraven. Volgens hem gaan deze werken veel verder dan materiële hulp. Mensen kunnen ook honger hebben naar aandacht, troost en levenszin. Ook wie gevangen zit in verdriet, verslaving of een uitzichtloze situatie heeft nood aan nabijheid en begrip.
Bijzonder persoonlijk werd zijn verhaal toen hij terugblikte op de coronaperiode. Ondanks de beperkingen bleef hij overledenen begeleiden bij hun laatste afscheid. Soms stonden er slechts twee mensen aan het graf. Toch hield hij telkens een korte herdenking, sprak hij Gods zegen uit en stond hij stil bij het leven van de overledene. Hij betreurde ook dat alsmaar minder mensen kiezen voor een kerkelijke uitvaart en pleitte ervoor dat priesters nabestaanden blijven begeleiden, ook wanneer het afscheid in een crematorium plaatsvindt.
Pater Wim verwees daarnaast naar paus Franciscus, die de Kerk omschreef als een veldhospitaal waar mensen zorg en nabijheid moeten vinden, en niet als een museum. Die gedachte sluit volgens hem nauw aan bij de betekenis van barmhartigheid: aandacht hebben voor kwetsbare mensen en hen daadwerkelijk helpen.
Zijn boodschap vatte hij samen met een verwijzing naar de theoloog Ladislaus Boros en diens boek In mensen God ontmoeten. "Zo is ons hele leven een grote uitnodiging om je geloof in daden om te zetten."
Nadien was er gelegenheid om bij een kop koffie en een koekje na te praten. De lezing gaf de aanwezigen alvast heel wat stof tot nadenken, met als belangrijkste boodschap dat barmhartigheid niet alleen iets is om over te spreken, maar vooral om in het dagelijks leven in praktijk te brengen.
Reactie plaatsen
Reacties